Quantanamo B.

Quantanamo B.

In het diepste geheim liep Marcos met Charles of Michel door de Vlaamse polder. In dit van God en iedereen verlaten landschap, waar Stijn Streuvels zijn Oogst gesitueerd moest hebben, stopten ze bij een eenzame boerderij omringd door hoge populieren.
“Is het hier?”, vroeg Marcos zachtjes om het donker niet te hoeven verschieten.
“Ja”, of “oui”, zei Charles of Michel.
Marcos keek naar het spaarzaam door louter maanlicht verlichte naambordje en las met moeite; ‘Quantanamo B.’
Charles of Michel deed krakend de deur open van de oude hoeve en stak enkele kaarsen aan. Ze stonden in wat eens de pronkkamer geweest had moeten zijn. Het was bitter fris en Marcos nam rillend plaats op een stoffige zetel bij de stoof. Na flink wat gepook en oude kranten in brandende proppen, begon het steenkool te gloeien en stroomde een aangenaam warme gloed hen tegemoet.
“Pintje Mark?”, vroeg Charles of Michel huiselijk en even later zaten ze te wachten op ….
“Ja, op wie wachten we nou eigenlijk.”
“Mister X.”, zei Charles of Michel geheimzinnig en maakte een toostende beweging, vooraleer van zijn pintje te gaan zitten genieten.

Het paasweekend was nog nooit eerder zo grauw voor Marcos begonnen. De beelden, alsook de gebeurtenis zelf, van de aanslagen in Brussel waren hem niet in de koude kleren gaan zitten. Juist in die hectiek moest hij ook nog het verlies van ’s lands grootste voetballer verwerken. Dat maakte, dat hij deze ochtend meer dan gewoon wezenloos op zijn fiets was gestapt. Als in een staat van geestelijke ontbinding had hij de trappers beroerd. Het was net alsof er heel iemand anders zijn fiets in de stalling op slot zette. Op de trap naar boven voelde hij zich nog steeds gelijk l’étranger, hoewel existentialisme hem vreemd was. En toch had de premier alles weg van die hoofdpersoon van Camus zijn verhaaltje, toen hij daar zo op het oog emotie- en ambitieloos naar zijn Torenkamertje sjokte. Hij nam geeneens de moeite zijn fietsclippen af te doen. Hij ging, zonder zijn jas uit te trekken en met strakke broekspijpen, achter zijn bureau zitten. Hij zat zich net te verbazen, dat de klok nog geen zes uur wees. Toen de telefoon hem uit zijn apathie deed opschrikken. Een keihard rinkelen vulde het ronde kamertje. Marcos keek verbaasd naar de oude ebonieten telefoon op het verste puntje van zijn bureau. Die rinkelde anders nooit? Die lijn was bovendien al decennia lang buiten gebruik. Het was puur zijn gevoel voor vergane nostalgie geweest; dat hij de oude telefoon niet verplaatst wilde zien. En nou rinkelde hij keihard. Zelfs het rode lampje brandde, alsof deze net door een modern felle led was vervangen.
“Met… mij?”
“… Mark? … Zijde Gij dah? C’est toi Marc?”
“Ja, dit is Hem… Jaja, met Mark. Maar niet zomaar eentje hoor. U spreekt met de premier der Nederlanden! Wat blieft U?”, herpakte hij zich.
“Mark, ’t is den Charles Michel hier.”
“Wie?”
“Charles Michel, Uwen collega.”
“Ja, wat is het nou man. Charles of Michel?”
“Ge moogt kieze zenne, c’est a vous mon ami.”
“De laatste ami die ik heb gezien, was die rare opvolger van de eend. Dus vergelijk mij in het vervolg niet meer met zo’n nep 2cv, sielvoesplet!”
“Excuus mijn waarde. Maar hebt ge even voor overleg? Het betreft plan van aanpak van het terrorisme.”
“Charles of Michel? Ben jij het? De eerste man van België?”
“”t Is ikke, ja.”
“Maar zeg dat dan meteen kerel. Ik was even van slag door die telefoon.”
“Ik had precies hetzelfde Mark. Op mijnen bureau staat al jaren een oude en zwarte telephone zenne.”
“Ja! Ik heb er ook zo eentje!”, reageerde de premier enthousiast.
“Op de mijne staan twee nummers; waarvan ik de eerste zojuist heb gebeld.”
“Jeminee, wie zou dat toch hebben gearrangeerd?”
“Geen idee. Maar nu ik U toch aan de lijn heb. Ik zou U graag wat willen laten zien. Maar dat kan alleen in het diepste geheim zenne. Zijt Ge in de mogelijkheid hier naartoe te komen? Ik bedoel vanavond, ver na zonsondergang. Maar Ge moet dan wel subiet vertrekken hoor. Neem het veer bij Vlissingen en even voorbij Breskens kunt Ge dan wachten in een safehouse van onze geheime dienst. We zullen U dan tijdig op komen halen, om ongemerkt ter plaatse te gaan.”
“Dit klinkt wel heel spannend Charles. Of was het Michel?”
“Ge moogt kiezen. Kan ik er vanop aan dan?”
“Als het over dergelijk belangrijke zaken gaat, dan sta ik samen met jou. Ja, ik ga meteen weg.”
“Ik wist dat ik op U rekenen kon. Ik ga het tweede nummer bellen en dan zien ik U hedennacht. Salukes Mark.”
“Die lust ik niet, maar ik zie je later man.”
Onmiddellijk was hij zijn kamertje uitgerend en ruim voordat Sammie kwam zitten wachten op zijn vriend, was de premier al ter hoogte van de Moerdijk, onderweg naar Vlissingen.
Charles of Michel had zijn woord gehouden. In het holst van de nacht had hij Marcos opgehaald in een geblindeerde Audi, die ze na enige tijd op een verlaten landweg hadden moeten achterlaten. Moedig waren ze het donker van de hel van het Noorden ingestapt en zagen pas na enkele uren lopen een eenzaam plukje populieren, in een voor de rest vlak landschap.

Ze hadden hun pintje nog niet op, of er werd zachtjes vier keer op de oude deur geklopt. Marcos herkende de vijfde van Beethoven en zag even later mister X. de pronkkamer binnen wandelen.
“Mark, dit is den mister X. zenne. Ge kent ‘m toch zeker wel?”
“Mister X.? Maar dat is potdomme Xavier man! Xavier, hoe istie man?”, en vrolijk schudde de premier de hand van die van Luxemburg.
“Nu we er allemaal zijn, wil ik jullie mijn oplossing laten zien. Gaan jullie mee?”
Charles of Michel trok zijn jas aan, om naar buiten te gaan.
Op het donkere erf liepen ze achterom en moesten blijven stilstaan bij een oud steenkolenluik, dat naar het onderhuis leidde.  Alleen was dit luik helemaal niet zo oud. Het was een gloedjenieuw gepoederstraald groen stalen luik, waar met nog natte hoogglansverf de letters ‘quantanamo B.’ op geverfd waren.
Charles of Michel opende het luik en hield deze uitnodigend omhoog, opdat zijn verbaasde collegae af konden dalen. Binnen drukte hij op een knopje, waarna een lange gang in een zee van licht zich openbaarde.
“En, zijde jullie al onder den indruk?”, vroeg Charles of Michel meer retorisch en trots.
“Allee, kom verder, kom verder. Kijk, achter elken deur van Quantamo B. bevindt zich een geluidsdichte cel en als we willen ook luchtdicht. Maar dat willen we niet, we zijn gene beesten niet? Kom, kom verder.”
“Quantanamo B.? Waar staat die B voor? En zeg niet dat dit een afkorting voor dat ding in Cuba is man.”
“Hahaha, nee Mark. Ik heb deze naam helemaal origineel verzonnen uiteraard. Maar pas nadat ik die nummers op den oude telefoon had gedraaid, wist ik het pas zeker.
Xavier wilde even achter zo’n deur gaan kijken, maar werd abrupt gestopt door Charles of Michel.
“Pas op zenne, den verf is hier en daar nog nie ‘elemaal opgedroogd. Maar kom, verder mannen. Naar het zenuwencentrum”, en snel liep Charles of Michel uit zicht, de flauwe bocht voorbij.
“Wat heeft dit te betekenen Mark?”
“Ik weet net zoveel als jij man. Maar we zijn in België, in een kelder, dus ik blijf op m’n hoede.”
Voorzichtig begonnen ze de echoënde stappen van Charles of Michel te volgen. Totdat ze in een enorme vierkant doodlopende ruimte kwamen, met alle vier de muren vol gehangen met een door de eeuwen heen enorme verzameling van de meest uiteenlopende martelwerktuigen. Trots stond Charles of Michel in het midden van de fel verlichte ruimte en wees naar het tuig aan de muren.
“Al sinds de middeleeuwen hebben wij die verzameld. Eerst uit kerkers, daarna uit hobbie en weer daarna omdat het gewoon werd. En pas nu, pas nu mijn heren! Pas nu, kan ik aan onze verzameling een doel geven. Hier, precies hier in het zenuwencentrum van de meest desolate plek van België, zijn wij in staat onze regio volledig veilig te maken voor die schoften!”
Het was duidelijk dat Charles of Michel erg emotioneel geworden was. Gegeven de omstandigheden zeer normaal, doch twijfelachtig gegeven de locatie.

martelwerktuigen

Hij had zo lang zitten wachten in het zonnetje, dat deze af en toe door voorbij drijvende wolken uitviel, zo ook Sammie. Hij was pardoes heerlijk in slaap gevallen. In het magere licht van de hofvijververlichting werd hij loom wakker en verbaasde zich over de almaar voort durende afwezigheid van zijn gabber. Dit deed hij anders nooit. Ze hadden nog zo duidelijk afgesproken dit paasweekend te gaan gebruiken; om zich goed voor te bereiden op het grote Veiligheidsdebat. Hij knipte het bureaulampje aan en begon dan maar alleen met zich voor te bereiden op het grote debat en belde naar Sjanien. Of ze onmiddellijk wilde komen. Hij wilde weten hoe het leger er voor stond.
“Nee, onmiddellijk Sjanien. Je maak je toilet later maar voor het debat. Nu hebben we geen tijd te verliezen… Nee, die is er niet, dat is het punt nou. We staan er alleen voor, dus kom nou meid.”
Even later stond Sjanien met ongekamde haren in haar winterjas voor hem in het Torentje.
“En?”
“Ik zal het kort en bondig houden Sam. Ons leger heeft geen kogels. Meer dan de helft van de voertuigen doet het niet meer. Het personeel dat er nog is, is merendeels onbekwaam omdat de opgeleiden te duur waren.  Communicatie is zo sterk verouderd, dat we het met heel hard gillen af moeten doen. Zelfs dat lukt niet altijd meer. We zijn als luchtmacht vleugellam, de Marine heeft watervrees en de Landmacht is kapot verkaveld.”
“Sjesus Sjanien! Heb je dan geen enkel positief punt dat we gebruiken kunnen?”
“Aangaande het voertuigprobleem. We hebben nog wel meer dan genoeg fietsen.”
“… Ik wist dat het errug was, maar zo?… Ga trouwens zitten meid, ga zitten. Ik zie ons dan nou even niet één twee drie oorlog voeren en helemaal niet als we de spullen er niet meer voor hebben.”
Sjanien keek naar een redelijk hopeloze Sam en begreep dat het een lange zitting zou gaan worden. Ze excuseerde zich voor haar nachtelijke outfit, want ze moest meteen komen. Ze hing haar winterjas aan de kapstop en wilde weer in haar niemendalletje gaan zitten, om zich serieus te buigen over de defensieproblematiek. Maar Sam was haar voor en voordat ze het in de gaten had, had Sam dat wel. Het blijft per slot van rekening Sam. Ze kon niets anders, dan zich overgeven. Het Torenkamertje vulde zich met geluiden, die ware de premier aanwezig geweest; voor heel erg ongeloofwaardig zouden worden gehouden.

wastobe2

Inmiddels had Charles of Michel al het tuig uitgelegd en was weer gekalmeerd. Hij vroeg hoe ze het zouden vinden, als er aanslagen werden gepleegd onder hun dienst.
“Tja, daar ken ik nie zo even op antwoorden man. Ik snap je verdriet. Maar gaat dit niet wat ver?”
Xavier ging naast Marcos staan, die dat gek genoeg heel erg prettig voelde, alleen snapte ie zelf niet waarom en zei: “ik sta hier achter de premier van Nederland hoor.”
“Dit”, krijste Charles of Michel, “is niet alleen het verdriet van België alleen heren! Dit is ons aller probleem! We moeten terug naar de basis. Terug toen we allen nog dromen hadden! Toen we nog dromen mochten hebben! Terug naar de Benelux zeg ik U. Ik kan mij niet heugen, dat er toen überhaupt kinken in de kabels waren. Verdoeme mannen, de lijn doet het zelfs nog. Na al die jaren!”
“Da’s waar” zei Marcos tegen Xavier, “de mijne ging gewoon over.”
En ook Xavier kon dit niet ontkennen.
“Okay, ik zal even met je meegaan. Als we na al die eeuwen van martelwerktuigen nog steeds dezelfde ellende hebben, dan werken die dingen toch niet?”
“Ik ben blij dat je dat te berde brengt Mark”, en hij wees naar het midden van de grote ruimte. Daar stond een vervallen wasinstallatie uit de vorige eeuw opgesteld.
“Zie hier, waar het allemaal om draait. Natuurlijk snap ik dat al die martelwerktuigen niet helpen. Ze dienen slechts ter afschrikwekkende decoratie en als onbereikbaar toevluchtsoord. Want hier, hier staat de oude wastobbe; die we uit de vervallen inventaris hebben kunnen redden. Stel je nou eens voor, dat we die schoften door deze mangel gaan halen. Mijn inschatting is, dat het merendeel dan wel gaat praten. En zo kunnen we al die cellen in kaart brengen en oppakken.”
“En als ze ondanks die mangel nog steeds niks zeggen?”
“Dan”, zuchtte Charles of Michel diep, “dan hebben we als laatste verhoormethode dit!”, en hij wees naar een oud wasbord in de tobbe.
“Een wasserbord?”, vroeg Xavier ongelovig.
“Een wasbord?”, vroeg Marcos net zo.
“Jawel mijne heren. Dit is de wasbordmethode, waar Quantanamo B. om berucht zal gaan worden. Zelfs de meest geharde terrorist zal breken, wanneer hij met kop en staart onder de Biotex, groen uiteraard, gewasbord gaat worden.”
“Maar hoe werkt dat dan?”
“Awel, kijk”, en Charles of Michel gooide wat Biotex groen op het wasbord en ging liggen om een kleine demonstratie te geven.
“Ge moet wel even bedenken, dat ik als terrorist hier vastgeketend tussen tobbe en mangel lig en dus geen kant op kan. Dan pakt de ondervrager het met Biotex groen verzadigde wasbord en begint deze met ferme halen over de neus van de verdachte te wrijven. Een beetje zoals ditte…” Charles of Michel haalde met een ferme haal het wasbord in de lengterichting over zijn neus van onder naar boven. Nog voordat zijn neus halverwege het bord was, liet hij deze spontaan vallen en begon keihard en onbedaarlijk te niezen. Het waspoeder in de ribbels was door de felle haal stootsgewijs diep in zijn neusgaten gevlogen, wat een onmenselijke prikkeling van zijn slijmvliezen gaf.
“Hatsjie! Ziede Ge? Hatsjie! Licht! Help, licht! Hatsjie! Hatsjie!”
Na vijf minuten luid niezen was de bui nog lang niet over en Marcos stootte zijn collega uit Luxemburg aan. “Licht, dat is het! Als je erg moet niezen, moet je in zonlicht kijken!”
“Je hebt gelijk Mark. Daarom is dit dus de perfecte locatie voor deze methode. Eerlijk gezegd denk ik, dat dit ruimschoots voldoet aan de Geneefse conventie hoor.”
“Ja, die gekke Belg heeft een punt zeg!” Snel pakten ze de nog immer naar asem happend en onbedaarlijk niezende Charles of Michel bij de kladden en hielden zijn gezicht in de meest felle muurlamp die ze konden vinden. Het duurde nog ruim drie kwartier, eer hij een beetje bij kwam. Dodelijk vermoeid en met bloeddoorlopen ogen grijnsde de premier van België; “en… en dat was nog maar een fractie van de dosis heren. Ik kon het simpelweg niet volledig toedienen. Awel, een schone methode toch?”
“Ik moet zeggen; dat dit mij een uiterst effectieve verhoormethode lijkt. Eerlijk is eerlijk en inderdaad, erg schoon bovendien. Maar nou wil ik toch van je weten, waar die ‘B.’ na Quantanamo voor staat.”
“Da’s de B. van Benelux natuurlijk. Onze geheime club van drie. Ik dacht dat je dat inmiddels al wel begrepen had zenne. Ge zijt nen slimme ‘Ollander of niet toch?”
“Natuurlijk, djust sjekking man.”
“Dus dit blijft ons geheim in deze vuile oorlog? Kunnen we nou eindelijk schoon schip gaan maken samen?”
De mannen konden eigenlijk niets anders doen, dan het verdrag van Zaventem te ondertekenen, daar; in die kelder van God mag weten waar.
Bij het krieken namen ze afscheid van elkaar. Charles of Michel bracht Marcos helemaal naar het veer. Op de kade namen ze stilzwijgend afscheid in de wetenschap; dat ze een adequaat schoonmaakmiddel in handen hadden, dat hoop op een mogelijke overwinning gaf.

pactvanzaventem
Marcos, Charles of Michel & Xavier

De eerste zonnestralen van paaszondag vielen door de ruitjes van het torenkamertje. Sjanien lag voorovergebogen zwaar snurkend helemaal naakt over een art deco stoeltje aan het raam. Sammie was er kennelijk uitgevallen, want die lag achter haar op de grond in een zeer onnatuurlijke positie. Het was een nacht vol extase geweest, waar geen van twee van ophouden had geweten. Het invallende zonlicht en die sleutel in het slot, maakte dat Sam wakker werd. Het gemorrel aan de deur werd steeds luider en uiteindelijk werd er op de deur gebeukt en gilde Marcos: “wie zit daar binnen? Laat mij er onmiddellijk in!”
Sjanien schrok zich een hoedje. Hoewel dat wel het laatste kledingstuk was, waar ze aan zou moeten denken. Ze graaide snel haar niemendalletje van de grond, dat Sam als een beest in meerdere stukken had verscheurd. Denkend aan de nacht vol passie en het horen van haar partijleider op de gang, maakte dat ze niet meer wist wat te doen. Hysterisch probeerde ze stukken kant op haar lichaam te gooien, om iets van haar waarde terug te vinden. Liefdevol sloeg Sam haar winterjas om haar heen en zei dat ze dichtgeknoopt moest gaan zitten. Snel schoot hij in z’n kloffie en opende de deur.
“Zo! Ben je daar ein-de-lijk! Sjanien en ik hebben de hele nacht doorgewerkt voor het debat man. Waar zat je?”
Marcos liep naar het bovenlicht en zette deze open. “Wat stinkt het hier? Wat hebben jullie gegeten?”
Sjanien moest haar lachen inhouden bij de gedachte aan het diner van Sam, dat haar tot een geweldig hoogtepunt had gebracht.
“Ik ga naar huis, want ik wil gaan douchen. Ik vertrouw erop Sam; dat jij de huidige staat van onze defensie gaat overbrengen aan de premier zoals besproken?”
Sam zei: “vanzelfsprekend”, en  Sjanien liep in meer dan ongeloof de trap af. Haar hele wereld stond eigenlijk op z’n kop. Van Putain naar Sam was niet een heel grote stap. En toch had deze slipper even wat meer tijd nodig. Maar Sam had gezegd; dat hij er echt heel veel aan had gehad. Dus troostte ze zich met de gedachte, dat het voor koning en vaderland was.

“Ik ben eruit Sam! We gaan het lek boven krijgen. Binnenkort gaan al die gasten naar Quantanamo B.!”
“Quantanamo wat? Ben je nou helemaal man!”
Hoewel Marcos een vurig pleidooi hield voor Quantanamo B., Sam bleef dwars liggen.
“Zeg, wil jij de oorlog niet winnen of zo?”
“Natuurlijk wel, maar niet zo! O-ver-mijn-lijk!”
Zo! Hij had het gezegd. Hij had zijn standpunt al zijn kracht bijgezet. Het werd stil in het kamertje en Marcos zat zeer teleurgesteld te wezen. Hij kende zijn maat lang genoeg, om te weten dat Quantanamo B. een reden voor Sam was om de gevreesde stekker eruit te trekken. Misschien dat ie het dan stiekem zou gaan doen? Nee, dat kon ie niet maken tegenover Sam. Tenzij hij weer met de gebruikelijke dooddoeners zou komen natuurlijk. Hoopvol vroeg hij derhalve: “als je Quantanamo nie ziet zitten, wat heb je dan voor alternatief man? En kom niet met die ouwe hap aan alsjeblief. Dat werkt niet meer.”
“Oh, ik weet wel wat we motten doen hoor.”
“Nou, zeg het dan! Of zit je nou te pochen?”
“Helemaal niet. Ik heb het antwoord samen met Sjanien de hele nacht zitten formuleren. En dat moeten we gaan geven in het debat. Niks geen Quantanamo man!”
“Nou? Wat hebben jullie dan voor geweldige oplossing?”
“Make love, not war man. Peace!”
En voordat de premier een antwoord klaar had, zat hij al in een wolk van halalcinerende rook en pakte hij instinctief de vers gerolde joint van Sam aan. Al na de eerste haal begon ie me toch te niezen, dat het niet mooi meer was.
“En zo zou ik het doen man”, concludeerde Sam loom high en trok meer dan tevreden aan zijn safffie.
lenon

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *