Voor Volk en Vaderland (der Untergang I?)

Voor Volk en Vaderland (der Untergang I?)

hofvijver1“Mooi hè Sam?”, mijmerde Marcos voor het raam uitkijkend op de licht rimpelende hofvijver.
Sammie was druk bezig met scherpstellen van zijn mobiel en antwoordde afwezig: “mooi man…”
“Het gaat goed met het land!”, concludeerde de premier in het het licht van zijn eigen zonnetje en nam weer plaats achter zijn bureau. “Wat ben je eigenlijk aan het doen Sam?”
“Nou… “, draaide hij zijn mobieltje linksom, “Franske komt dalijk en ik dacht leuk voor later”, en ondertussen schoot hij verschillende kiekjes die ie dan even later tevreden kijkend wegveegde. “Okay, ‘k heb de focus door. Hoe laat zou ie komen?”
“Volgens mij ieder moment. Maar furst tings furst Sam, wat doen we nou met mijn heikele naamgenoot?”, en hij pakte het blauwe dossier van zijn onder hoge druk staande partijgenoot erbij.
“Wie?”
“Mark V. man, die achternaam mag ik niet uitspreken zolang de zaak loopt; dat weet je toch?”
“Oh die? Wegwerken gewoon.”
“Je bedoelt eruit?”
“Precies.”
Marcos begon te ijsberen, zich verdiepend in het blauwe mapje, toen er luid werd getoeterd op het pleintje.
“Daar zal je ‘m hebben Mark! Doe jij open dan kies ik alvast een lekker wijntje uit.”
franske1“Okido”, en Marcos rende de trap af precies op tijd om Franske met weekendtas te verwelkomen.
“Ha die Frans! Hoe’s tie?”
“Comme si comme ça monsieur le president.”
“Hahahaha, gekke Frans. Kom binnen man, Sam zit boven op ons te wachten met een lekker glas wijn.”
“Ah, formidable!”

Boven omhelsde Sam de Europees bittergevooisde nachtegaal gelijk de verloren zoon en schikte Frans en Marcos in een fotogenieke pose aan het raam.
“1, 2 3… zeg bezuiniging!”, en geconcentreerd gespannen drukte hij op de virtuele ontspanner. “Hehehe, jaja, mooi man! Zo Frans, wat hebbie voor nieuws en hier… santé man!”
Frans nam het glas aan, gooide zijn weekendtas in de hoek en terwijl hij zijn stropdas ontknoopte zei ie eerst: “santé” en de mannen genoten in het schapenleder van het goede glas.franske
“Nieuws, ohlala, nieuws vraag je? Nou, wat echt nieuw is, is het pendelen.”
“Dus je reist veel?”, vroeg Sam hevig jaloers, want Franske zat er als een goudhaantje bij. Het was overduidelijk dat zijn nieuwe baan in Europa hem geen windeieren legde.
“En het mooie is; dat ik alles bruto kan declareren en netto in meervoud , of moet ik bekennen veelvoud, terug krijg.”
Verbaasd hingen Marcos en Sam aan zijn lippen. “Je bedoelt dat je daar zonder problemen je zakken kan vullen?”
“Ja en niemand die er moeilijk overdoet. De ideale job!”
“Onvoorstelbaar zeg, het is dat we hier nog een klus hebben Frans. Maar we zijn jaloers hoor.”
“Ja, maar echt tijd om te relaxen is er gek genoeg nauwelijks. Voordat ik het weet, zit ik weer meer in de auto heen en weer te rijden dan dat ik ervan kan genieten dus op zich wel logisch dat daar dan een juiste vergoeding tegenover staat. Maar nou ben ik zo blij dat ik even een weekendje vrij heb. En hoe beter deze te besteden dan met goede vrienden, proost!”
Baldadig smeet Marcos zijn blauwe mapje in de la gedane zaken en schreeuwde om het hardst; “proost mannen, op het weekend!” En door het gelal en klinkende glazen hoorden ze niet dat er zachtjes op de deur werd geklopt.
“Hallo jongens…. hallo?”, het was Jeroentje die ook net terug was uit Europa en ook toe was aan een welverdiend verzetje. Hij had al een tijdje staan kloppen en uiteindelijk voorzichtig de deur geopend.
“Hé, Jeroentje. Kom erbij man en neem een glas. Hahaha, dat hebbie wel verdiend hoor. De financiële muurbloem deelde vrolijk mee in het getoost en tegen de tijd dat ze aan de vierde fles begonnen, kregen ze echt honger.
“Chinesie?”, vroeg Marcos hoopvol. Maar daar werd deze keer niet echt enthousiast op gereageerd, want het gezelschap had in zeer korte tijd aan internationale allure gewonnen.
“Ik dacht zelf meer aan steek tartaar”, verslikte Frans zich bijna.
“Nee nee heren, Grieks”, zei Jeroentje gedecideerd en pakte demonstratief een volle fles ouzo uit zijn aktetas. “Hoppa!”, gilde Jeroentje ineens uitgelaten en schonk voor iedereen een vol glas in, zich weer helemaal terug wanend in zijn onderhandelingsroes op hoog niveau.
“Da’s lekker man”, genoot Sam van zijn eerste slok, “hehehe, hoppa man!”
“Da’s nie gewoon lekker, da’s superlekker!”, kraaide Marcos, “als het eten ook zo smaakt ben ik om, we gaan hoppa naar de Griek! Goed idee man!”
Uitgelaten zochten ze een fiets uit in de stalling en even later reed het vrolijke gezelschap het poortje door de stad in. Op het Kerkplein stalden ze hun fiets tegen de gevel van Knossos en liepen uitgelaten de drukke zaak in. Maar bij binnenkomst werden ze teleurgesteld door de mededeling; “sorrie heren, vol!”knossosSammie begon direct zijn geduld te verliezen. “Nederland is helemaal niet vol!”, en begon zijn mouwen al op te stropen.
“Dat bedoelt meneer niet Sam. De zaak; de zaak zit vol.”
“Nou en? Ik heb honger!”
Hoopvol keek Jeroentje zoals altijd optimistisch over iedere gang en dus ook van deze zaak, door het restaurant. Helemaal achterin ontdekte hij een eenzame eter aan een tafel voor vijf.
“Daar!”, riep hij fel wijzend tegen de eigenaar, “daar zie ik nog een plekje!”
“Uitgesloten heren, dat is hele speciale gast uit mijn land.”
“Maar…. ik ken die vent ergens van hoor…. ja, dat is Yanis… Hé Yanis!”, gilde Jeroentje ondertussen tegenstribbelend tegengehouden door de kleine eigenaar die nu hard in het Grieks om hulp begon te roepen.
“It is okay Thanos, I know him… let them sit at my table”, werd in overvalst Grieks-Oxfords geroepen.
Hautain negeerden de heren de kleine eigenaar en namen plaats naast Yanis die Jeroentje hartelijk begroette met “my friend.”
“Dis is Yanis heren, mijn Griekse vriend”, wilde Jeroentje uitleggen.
“Jaja, is al goed man. Wat is hier lekker?”
Yanis stond erop de bestelling te doen en even later zaten ze weer vol aan de ouzo te wachten op hun eten.

“So, you are Yanis”, begon Marcos het gesprek.
Yanis knikte minzaam en Sammie zat ‘m al stiekem in te schatten. Er viel een pijnlijke stilte die door Jeroentje werd overbrugd door over eventueel gemeenschappelijke hobby’s te beginnen. “Yanis likes bikes.”
“Oh, okee… we djust keem heer on bijk joe noow. Joe lijk bijk?”, deed de premier een tweede poging tot conversatie.
“Bikes arouses me!”, zei Yanis nu stralend, want blijkbaar was zijn liefde voor tweewielers een hele grote.  “Big motorbikes… I love them!”yanis-varoufakis
“Wat zei ie nou Frans?”
“Volgens mij wordt Yanis lichamelijk opgewonden van gemotoriseerde tweewielers Mark.”
“Heu? Je bedoelt als in …..?”
“Ja… ‘k denk het wel.”
“Jaja heren”, sprak Jeroentje nu, “na oneindige onderhandelingen stuitte ik per toeval op zijn Achilleshiel. Hij wordt helemaal week van motorfietsen en dan vooral van dikke Harleys.”
“Oohhhh Yes!”, kreunde Yanis nu bij het horen van zijn ware inspiratie. “I like Harley Davidson, big… big bike!”
“De onderhandelingen met de Grieken verliepen buitengewoon moeizaam zoals jullie allemaal weten. Maar nadat ik ‘m een elektrische Sparta had beloofd, waren we er meteen uit!”
This – is – Sparta!“, gilde Yanis zijn favoriete strijdkreet, die zelfs Jeroentje nog niet eerder had gehoord, en liet trots op zijn mobieltje kiekjes zien van een fonkelnieuwe SpartaMet.
“Mmmm, en dat is minister daar?”, vroeg Sammie zich af en zo was de toon niet geweldig waar een ieder voor zich zijn buik rond at.
“Is geen Chinees”, mompelde Marcos af en toe teleurgesteld, dat volmondig door Sammie werd beaamd.
“Niet bepaald haute cuisine”, viel Franske hun soms bij, tijdens deze voor de rest zwijgzame dis.
Jeroentje probeerde optimistisch als altijd de gang erin te houden en kwam met een ingenieus voorstel voor het toetje. Maar zelfs een tripje naar de Doubletstraat kon de stemming niet keren en zo namen ze diplomatiek beleefd afscheid met een onderliggend gevoel van onvrede.
Dat onderhandelingen doorgaans faliekant mislukken door cultureel onoverbrugbare verschillen, hoorde nu eenmaal bij het vak. Maar hier werd door de mannen beseft dat de schijn opgehouden moest worden en dat remde de spontaniteit van de avond danig. Franske zat niet voor niets in Brussel om deze details voor de buitenwereld olijk weg te poetsen en dus werd hij afgezet op het station. Want dat hij nog veel hooi op z’n vork had, was helder geworden voor een ieder. En zo eindigde de avond ongebruikelijk in mineur toen ze onverwacht vroeg al weer op huis aangingen.

volk-en-vaderland (2)De volgende werkdag besloot Marcos het over een andere boeg te gooien en rolde voor de verandering eens rechts uit bed. Pijnlijk landde hij op de zoldervloer van z’n moeder en zachtjes mopperend schoof hij onder de douche. Voor de manshoge spiegel veegde hij zich trots droog en verviel in een diepe bewondering voor zijn beeltenis die waarlijk de oude Grieken moest doen verbleken. Ruw werd hij uit zijn eerste droom van de dag verstoord door zijn mobieltje. Het was Sammie die in alle staten met uitzondering van die der Grieken was. Of ie het al had gehoord?
“Teefje man! En Ivo! Ze zijn erachter!”
“Waarachter Sam?”, vroeg de premier nog stiekem even tevreden een pose van Milo aannemende.
“Achter die deal met Keesje!”
“Je bedoelt dat ventje met die wietplantage van drie hoog achter?”
“Precies die ja!”
“Maar dat is vijftien jaar geleden man…”
“Ik weet man maar haast je Mark. Ivo en Teefje zitten er al als het goed is en zelf heb ik nog vier haltes te gaan. Haast je!”

20150310_090813
partners van Grimm

In de stalling nam Marcos geeneens de tijd zijn voorwiel in de gleuf te klemmen, maar zette zijn trots slechts wankel op de standaard. Want zijn zwaar moederlijk gevulde lunchboxje vergat ie in de haast. Hij rende het pleintje over, gooide het torendeurtje open en stoof de trap op. In zijn ooghoek zag hij nog beneden aan de trap een paar stelten liggen die niet veel goeds voorspelden. Buiten adem liep ie zijn kamertje in, waar Sammie links van het raam zat en Ivo met Teefje rechts. Hij groette formeel en nam even de tijd bij te komen door de mannen aan te staren. Er was iets geks maar hij kon niet direct registreren wat.
“Ik zie iets geks mannen, maar ik weet nie wat.. iemand enig idee?”, begon hij nu weer helemaal in de rol van problemsolvende premier die hem als geen ander zo gegoten zat.

“Z’n stelten man”, fluisterde Sam.
En dat was het. Ivo zag er compleet anders uit nu hij zijn op stelten gedragen grandeur verloren had. “Maar, die liggen onderaan de trap man, ga ze halen joh.”
“Dat, mijn beste Mark zou ik niets liever willen. Maar ik vrees dat het daar te laat voor is”, en zenuwachtig speelde Ivo met het tuigje van Teefje, die op zijn beurt onaangelijnd er ook heel anders uitzag.
“Is er nu niemand die er gewoon uit kan zien? Ben ik nou de enige die hier de schone schijn mot ophouden.. nou ja, ik en Sammie dan? Moet ik jullie nog herinneren aan de komende verkiezingen?”
“Ja maar”, begon Teefje kefferig tegen te sputteren, “die wietplantage hebben we toen wel helemaal ontmanteld.”
“Jazeker, het ging toen wel om een hele achterkamer vol van minimaal twee bij drie”, viel Ivo zijn Teefje bij met onverbloemde trots dat ze de misdaad wel degelijk hadden bestreden.
“Ze hebben het bonnetje van de inval gevonden Mark”, zei Sammie terneergeslagen.
“Nou, en dan?”, vroeg Marcos zich af in de hoop zijn onbewust gevoel van onbehagen zo snel mogelijk van zich af te kunnen lachen.
“Je mist het essentiële hiervan Mark. We hadden dat bonnetje al in de boekhouding verwerkt, alleen nu blijkt de balans dus niet meer kloppen.”
De nu optredende stilte van die verkeerde invoer vijftien jaren na dato was lang en oh zo pijnlijk voor alle aanwezigen. Het besef dat hun administratie niet klopte, drong langzaam door en uiteindelijk gingen de schouders van Marcos hangen waardoor de stilte nog langer duurde dan nodig was.

kasboekje

Lam geslagen opende Marcos zijn laatje en haalde het huishoudboekje van 2000 er bij.
“Waar is dat bonnetje?”
Timide overhandigde Ivo een archiefstukje uit de kaartenbak van het Ministerie van Financiën. Deze werd minutieus vergeleken met de invoer van destijds, dat niets minder dan een keiharde schok teweeg bracht.
“Verdomme!… Onze administratie klopt niet! Verdomme Ivo! Verdomme!”
Marcos zag al zijn inspanningen en geweldige resultaten nu ondermijnd door een bureaucratische misser van jewelste waar hij zelf juist doorgaans de vruchten van plukte. Maar dit kon hij niet meer gladstrijken. Nee; dit was bewijs van fraude zwart op vergeeld wit. Ja, hij wist natuurlijk al veel langer hoe de vork in de steel zat, maar hij had zijn minister zo fel verdedigd dat ie er zelf gewoon volledig in was gaan geloven.
“Ik… ik weet even nie meer…”, en de stilte werd hervat.
Sammie zag ook de donkere wolken. Al hun miljoenennota’s zouden moeten worden herschreven en hij had echt geen zin in al dat werk. Buiten dat zou Europa hun verplichte bijdrages zeker en vast hoger gaan vaststellen en die terugwerkende kracht zag hij helemaal niet zitten.
“Leugenaars”, begon Sammie zachtjes, “vuile leugenaars.”
Verbaasd over dit onverwacht getoonde gebrek aan collegialiteit keken Ivo en Teefje hun premier hoopvol aan om bijstand.
Marcos zag dat Sammie zijn kleine pinkje heel snel heen en weer bewoog ten teken dat ze moesten improviseren. Het pinkje van Sammie ging altijd heel snel wanneer daadkrachtig optreden gewenst was om eigen huid en haar te redden en daar was nu inderdaad zeker wel sprake van. Nee, hij; de premier van Nederland, kon inderdaad echt niet worden geassocieerd met fraude. Hij, de man die het land vermeend integer door de crisis had geloodst, had nog een klus af te maken. Gedreven door de vingerwijzing van zijn kameraad stond Marcos nu op en begon de beschuldiging te herhalen. Normaal gesproken was dit een wassen neus voor een politicus doch wanneer eigen partijgenoten de beschuldigende vinger naar elkander gingen wijzen kon de uitkomst niets minder dan desastreus worden.
“Vuile gore leugenaars! Jullie hebben mij voor lopen liegen!”
“Maar Mark jonge, wij hebben dit gedaan voor Volk en Vaderland!”
“Sammie!”, gilde Marcos nu om uitzetting, “zet deze twee landverraders mijn deur uit!”
Zonder stelten was Ivo een peuleschil voor Sam en die werd dan ook zonder pardon na het bekende ‘1,2,3; in Godsnaam’ de trap afgegooid. Ivo kwam huilend neer op zijn stelten die in vele spaanders uiteen versplinterden. Dat zijn droom in duigen lag, kon gelukkig door zijn geestestoestand niet geheel meer goed worden verwerkt. Maar droevig was hij wel. Teefje had inmiddels zijn eigen conclusie getrokken en rende snel langs Sammie heen de trap af en eenmaal beneden wisten beide nu ex-bewindslieden waar ze aan toe waren. “Hadden we toch maar die puppycursus toentertijd gedaan”, aaide Ivo zijn Teefje vaderlijk over de kale bol en aangelijnd verlieten ze al dan niet voor altijd stilletjes de wonderlijke avonturen van Marcos en Sammie…………

“Hahaha, Sam; je was briljant man! Want hoe beter deze dans ontspringen door list en bedrog, bedankt man!”
“Ja man, we zijn er nog niet hoor. Maar dit geeft ons wel meer opties. Ja, we hadden het voor de buitenwereld natuurlijk moeten zien. Maar enerzijds was het voor onze tijd en anderzijds zijn we voorgelogen zoals je zojuist hebt kunnen constateren. Tijd en slachtofferrol vormen beiden een bewezen verdediging die hoop op een betere toekomst geven. Hehehe, ja… ik denk dat we weer even mogen lachen, hehehe.”
De onmenselijke stress van deze recente ontwikkelingen deed hen naar de fles grijpen, ook al was het nog geen tien uur in de ochtend. Die tijden waren voor gewone mensen en golden niet voor hen. Overtuigd van hun uitzonderingspositie, namen ze een slok en leken voor het eerst sinds lange tijd even te kunnen ontspannen. Maar toen ging de telefoon.

“Met mij”, zuchtte Marcos terwijl hij weer een flinke slok nam.
“Mark, met Gee! Zeg, ik eis politiebescherming voor mijn medewerkers!”
Nog in de roes van volledige ontspanning antwoordde Marcos: “doe ff normaal Gee, we hebben net een nazionale crisis afgewend en trouwens dit hebbie zelluf gezocht. Bovendien, weet je niet dat het Ministerie van Veiligheid kampt met ernstige personele problemen? Hahahaha.”
Het gefoeter klonk nu door het kleine speakertje hard door het torenkamertje en Sammie kon niets anders doen dan knipogen naar zijn maat en glimlachend de andere kant opkijken. Marcos volgde zijn voorbeeld en drukte de fel orerende Gee stoïcijns weg.
“Hehehe, die Indo is de weg kwijt Mark.”
“Ja, hahaha ech wel. Weet je dat ie durfde te beweren dat onze democratie op het spel stond?”
“Neeee? Compleet verdwaald!”
“Hij’s totaal niet geïntegreerd. Nog een beetje wijn?”
“Ja, lekker. Hehehe, die onnozele weet geeneens dat het gooien van steentjes cultuur is.”
“Precies dat Sam. Hahaha, nee; als er iemand is die de cultuur bewaakt; dan zijn wij dat wel! Proost!”
“Gezondheid man…. Zeg…, is het te vroeg voor een chinesie?”
“Hahaha, ben je gek man! Natuurlijk niet! Hahaha, ik hou van je!”
Sam hief zijn glas in het voorjaarszonnetje dat door de ruitjes viel en toostte plechtig: “voor Volk en Vaderland man!”
“Volk en Vaderland!”

Epiloog: Bericht door Minister-president.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *