Dus Herman, dat!

Dus Herman, dat!

 

eenzame grijsaard langs de snelweg:

sprak vanochtend met een oude wijze man
tijdens het tanken die mij wees op de loop der dingen
hij was een oud coureur, hij heette Herman
zei ook niet onverdienstelijk te kunnen zingen

over pliesie des Rijks en uitte het verwijt
dat de normen toen duidelijk waren en nog niet kwijt
toen je nog persoonlijk aangesproken werd, gewoon zo
in plaats van indirect via dat automatisch incassobureau

zal jij ook wel last van hebben knipoogde hij slinks
heb jij ook geen frustratie over die 80 kilometer kartjes
stijf aanhoudend met kilometers vrij baan op links
geen groot licht hoor, oh oh… hopeloos al die boze smartjes

hij zong verder toen doordeweekse dagen niet werden afgeteld
en je alleen als het echt nodig was pas werd gebeld
hoe vaak hij niet heeft zitten genieten van op volle toeren
in plaats van zich op te winden over zoekende boeren
 

 hoe hij destijds met tegen de tweehonderd
over riante tweebaanswegen heeft gescheurd
nu word je daarvoor in het cachot gedonderd
als paria hautain uit de maatschappij gepleurd

we liepen samen naar de kassa
ik toetste mijn pin
hij betaalde cash erna
plastic was niet zijn ding

 

 

het is te druk weet je, vertrouwde hij mij toe
op zich best gezellig met z’n allen rijden op duur gewonnen klei
alleen hoe te handhaven, ze weten niet meer hoe
deze slakkengang op de snelweg hoeft niet meer voor mij

 we hebben de techniek om naar de maan te gaan
en toch mag je niet al te snel verwisselen van baan
onze planeet verziekt met radioactief afval en verdere rotzooi
maar oh wee als jij je vergist in de verkeerde kleur kliko

dan krijg je maken met de pliesie van het milieu
pure schijnheiligheid in overtreffende trap
weg is mijn genot met het beetje sjeu
dat toen echt wel aan mijn levenswijze zat
 
de wetenschap zelfs nu in dienst van digitaal gegluur 
zowel binnen als buiten zien zij je van voren en opzij
ooit waren de burgers elkaars goede buur
maar nu deze maatschappij, dat zijn zij
 
maakbaar heimelijk debatteren tot in oneindigheid
over incidenten volledig de echte plank missend
onbelangrijk lullen tot in de eeuwigheid
in verkiezingstijd elkander dissend
 
want vergeet niet jongen, die idioten
regeren laf, besluiteloos, hebben geen kloten
de- en seponeren zich compenserend een ongeluk
maken werkelijk alle pijlers stuk
 
 
nieuwe regio hier en weer andere uniformpjes daar
ze reorganiseren zich suf maar
actief negeren ze niet één, maar meerdere kladden
en zijn ze dom vergeten dat we alles al eerder hadden
 met vochtige ogen nam hij spontaan omarmend afscheid
gewoon eentje van de oude stempel die
de dingen vertolkte zonder gebakken onderscheid
en toen scheurde hij met volle tank weg in degelijk oude Bentley
 
de toon van zijn gezang raakte mij diep
ik rij verder en mijmer in de achteruitkijkspiegel
zie niet meer mezelf maar een zelfgemaakte selfie
godverdomme ‘k zie de achteruitgang in m’n eigen giechel
 
pijnlijk beseffend geef ik een extra dot gas
is vechten tegen de bierkaai dat ook al niet meer mag

buigen voor ongeletterden is nu ons absoluut gezag
ik wens dat het soms eens vaker vroeger was

 
 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *