Staatsbezoek over onze rug?

Staatsbezoek over onze rug?

Goed gemutst liep Marcos de vertrekhal van Schiphol binnen en meldde zich aan de balie. Na het wegen van zijn koffertje, liep hij met boarding ticket naar de marechaussee. Hij balde voor de zoveelste keer weer een vuistje, want hoe geweldig was dit wel niet? Lekker op vakansie op kosten van de Staat. Nee, een betere job was er eenvoudigweg niet.
“Hé jongens! Hoe’s tie?”
Terwijl door zijn paspoort gebladerd werd, mompelde het uniform: “niet best. Werkdruk en zo.”
“Mot je toch eens met vakansie gaan! Hahahaha!”, buldere onze rasoptimist uit de polder olijk. Want echt niets kon zijn goede humeur meer dimmen. Nee, vanochtend was hij zelden zo enthousiast opgestaan. Hij ging terug naar zijn roots, moeder Indië wachtte op hem. Hij had zich daar zo op verheugd, dat hij zijn ecologische footprint vergeten was.
“U weet van de milieutaks?”
“Heu … Hahahah, ja, natuurlijk!”
“Mag ik dan even uw betalingsbewijs zien?”
“Betalingsbewijs?”
“Ja, een bonnetje.”
“Oh, maar wij doen niet aan bonnetjes. Toe, mag ik mijn paspoort terug?”
“Alstublieft, maar het spijt mij, zonder bonnetje komt U er niet in.”
Er zat niets anders op dan terug te lopen om de taks te voldoen. Even later mocht ie met bonnetje alsnog naar binnen en hij gilde enigszins overdreven; “doetiefrie!”
Naast de bekende flessen had hij zichzelf eens goed verwend met een nieuwe Ipod en draadloze oortjes. Nu zat hij bij de gate mee te zingen met Anneke over zijn lief en zoet Indië. Hij genoot kortom intens.

Het bezoek vond Marcos echt te gek en hij snoof alle luchten op die hij maar kon ruiken. Emotioneel werd hij, toen hij van Jowoki bij het hotel een lokaal overhemd overhandigd kreeg.
“Bij deze mijn vriend, een origineel batikshirt. Na zoveel bezoeken vinden wij, dat U zich best wel wat meer thuis mag voelen hier.”
“Wow! een kakishirt!”
“Neen, dit is batik. Dat komt van het Javaanse batikken, dat heel veel puntjes betekent.”
“Hoeveel puntjes?”
“Ja, dat weet ik niet maar echt heel veel premier.”
“Maar zo lang ben ik hier niet? En ik had zelf ook nog een paar punten.”
“Als U zich even gaat omkleden? Dan maken we daarna samen een wandeling en kunnen we het er over hebben.”
Voor de spiegel bewonderde Marcos zijn lokale shirt en fluisterde; “Hoi Ché. Wat nou batik, dit is pure kaki! Ha, alsof ik gek ben? Ech nie! Hier liggen dus wel mijn roets!”
Helemaal rebels voelde hij zich meteen gelijk Guevara en optimistisch rende ie naar de lift. Even later wandelden ze door de regeringstuin van Indonesië. Jowoki keek zijn collega wel een beetje raar aan. Want hoe die opeens zo veranderd was, kon toch niet alleen aan dat shirtje liggen?
Marcos sprak honderduit over bomen verbranden en CO2 met stikstof- en mensenrechten en om zijn punten kracht bij te zetten; liep hij een beetje stoer te bewegen, alsof hij hoogst persoonlijk zelf het ‘swagger’ uitgevonden had. Hij beëindigde het staatsbezoek met een high five en ‘joh bro’, dat best wel erg onwennig beantwoord werd.

 

Vervuld van het uiterst succesvol verlopen bezoek, zwaaide hij nog één keer naar zijn bro Jowoki en liep lachend vervuld van zichzelf naar de gate.
Hij ging nu op weg naar Nieuw Zeeland, waar hij zoveel over gelezen had. Als kleine jongen al was hij gefascineerd geraakt door de koppensnellers in den vreemde. En nou zou hij die potverdikkie zelf gaan ontmoeten!
Of het door het shirtje van Jowoki kwam? Maar onbevreesd stapte hij in Christchurch uit en begon meteen heel raar een serieus ingestudeerd dansje te doen. Hij had het rugby-filmpje goed bestudeerd en was ervan overtuigd; dat mevrouw Ardern, die zelf ook het Maori beheerst, dit wel kon waarderen. Maar in plaats van ook wijdbeens voor hem te gaan staan gillen, gaf ze hem keurig een hand en verwelkomde hem in haar land.
Een beetje gegeneerd stak Marcos daarop ook zijn hand uit en zei: “excuses, maar was dit te veel?”
Ze lachte ontwapenend en zei dat ze zijn poging waardeerde. En of hij er zin in had.
“Nou, en of!”
Dan stel ik voor, dat U zich omkleedt. We hebben namelijk een officiële uitnodiging gekregen van het grote opperhoofd.”
“Het opperhoofd!?”
“Ja. Hij wacht op ons en kijkt erg naar Uw bezoek uit.”
In het airporthotel kleedde hij zich snel om. Ietwat teleurgesteld trok hij zijn kakishirtje uit. Maar eenmaal weer in pak, kon hij niets anders dan bekennen; dat dit nu wel zo gepast was.
Enigszins beduusd over hoe hij zich mee had laten slepen in de batik, liep hij naar beneden; alwaar hij in een gereed staande regeringsauto stapte.

Na anderhalf uur rijden door het Lord of the Rings landschap, stopten ze bij einde weg en moesten te voet verder.
Daar, zo diep in de bossen, werden ze begroet door het grote opperhoofd met al zijn strijders.
Zoals het hoort, klom Marcos met mevrouw Ardern op een voor de gelegenheid gefabriceerd houten bordes, om daar hun respect te tonen voor de indrukwekkende welkomstceremonie die op het punt stond te beginnen.
Maar Marcos stond koud op het bordes, of hij sprong er al vanaf?
Of het door de naweeën van dat shirt kwam, weet niemand. Maar zonder angst liep hij met zijn eigen swagger op de stam inheemsen af?

Een onmiddellijke reactie volgde, toen de inheemsen met plots puilende ogen en uitstekende tongen ook op hem af begonnen te lopen. Met vervaarlijk ritmisch gegil werd onze premier in het nauw gedreven, alleen had ie dat zelf nog niet in de gaten. Dankzij zijn studie wist Marcos dan weer wel, dat dit de fameuze ‘haka’ moest zijn. De dans die al eeuwen uitgevoerd wordt net voor de strijd. Dus een beetje op z’n hoede was hij wel. De genodigden schrokken zich echter een hoedje, wanneer ze Marcos zo impulsief het protocol zagen breken.
Abnormaal ongepast vrolijk comme d’habitude liep hij op de strijders af. En begroette hen ondiplomatiek en ongepast met een nog vrolijker uitgesproken; “hé, mi matties!”
“Niet doen!”, werd gegild door een angstig kijkende mevrouw Ardern, die haar handen voor haar ogen sloeg om zo het onvermijdelijke niet te hoeven aanschouwen.
Mensen hielden hun adem in. Maar met zijn bekende optimisme stond Marcos even later voor het opperhoofd, die zich overduidelijk klaar maakte om zijn dodelijke speer te werpen.
“Op je rug! Ga op je rug liggen! Geef je over man!”, werd nu van alle kanten hysterisch gegild, maar een komend drama leek niets minder meer dan een zekerheid.
Geconfronteerd met de speer en het angstige gegil achter hem, besefte hij te laat dat hij toch een beetje dom bezig was.

“IN GODSNAAM MARK! OP JE RUG! GA OP JE RUG LIGGEN!”

Instinctief greep de premier naar zijn kontzak en pakte zijn portemonnee eruit, die hij voorzichtig ten teken van volledige overgave op de grond legde voor de voeten van het ziedend stampende opperhoofd, die dit nog nooit eerder had meegemaakt.
Verbaasd vroeg de koppensneller; “he aha tera?”, dat Maori voor ‘wat is dat?’ betekent.
“Alles wat ik heb excellentie en geloof me; meer ruggen heeft mijn volk niet.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.